Weerbericht oost Twente door Tonny M

Weerbericht voor oost Twente 2022-09-25 18.25 uur  Weerbericht geldig tot vrijdagavond

Weerbericht voor oost Twente 2022-09-25: 18.25 uur
Weerbericht geldig vrijdagavond

De regen van de zaterdag viel in het geheel weer eens tegen voor oost Twente. Maar het bekende staartje zorgde toch nog voor 4,9 bruikbare regen. Voor de planten en gras een mooie welkome regen maar voor de bomen en natuur in haar algemeenheid was het nog steeds de bekende druppel op een gloeiende (lees kurkdroge) plaat (natuur) En de zondag bracht ons gelijk ook de mooiste dag van de week helaas! Hoe ontwikkelt het weer zich de komende week?
Na een heldere voornacht komt er vanuit het westen een storing richting ons land. Gevolg toename bewolking en maandag grote kansen op regen van betekenis. Maar de meeste regen wordt toch weer berekend aan de kustlijn. Verhaal is immers wel bekend relatief warm zeewater met koude lucht als tegenhanger. Maximum rond 12-13 graad.
Ook de dinsdag lijkt een wisselvallige frisse dag te gaan worden met dan ook maximum temperaturen van rond de 12 graad.
Tweede helft van de week gaan de scherpe kantjes van de herfst eraf maar ook dan is er nog wel op enkele dag kans op wat nattigheid ofschoon de woensdag de mooiste dag van de week beloofd te gaan worden. Verder boekt de temperatuur elke dag een graadje winst met op vrijdag maximum temperaturen van rond de 17 – 18 graad. En dat is juist het langdurig gemiddelde voor eind september.

Nieuwe update volgt vrijdagavond


Korte terugblik van afgelopen week (nieuwe update   

Korte terugblik afgelopen week.

Het kan verkeren maar de zondag 19 september ging als de koudste sedert start metingen vanaf 1901. Ook na een erg warme lange droge zomer pakten we een koude record. En de hoeveelheden regen viel ronduit tegen! Met hangen en wurgen kwam ik met een weektotaal van ruim 14,2 mm erg karig uit. Ook de vorige week (nr. 37) kwam ik niet verder 6,2 mm. Tja dan is de natuur momenteel de grote verliezer immers de droogte duurt gewoon voort in het oosten van het land. De meeste regen ging aan onze neus voorbij. Het maandtotaal staat momenteel op 41.0 mm. Het houdt niet over om de neerslag tekorten op korte termijn teniet laten doen. Ook de dag van vandaag zouden we toch enkele millimeters in onze regenmeter mogen verwachten. Maar de actualiteit is toch heel anders (net zo als vele malen eerder!) Actueel staat de teller op welgeteld 1,0 millimeter Nadat ik dit bericht had opgesteld kregen we nadien toch nog een staartje mee van de regen. Totaal 3,9 mm. Alle kleine beetje maken ene grote!!. Of er nog neerslag van betekenis in de nabije toekomst voor ons in het vat (regenmeter zit? Hoe ontwikkelt het weer zich de komende week?


Middelange termijn verwachting  Week weersverwachting 2022-38

Zondag nog een hele bruikbare dag. Rest van de week volgt een wisselvallige periode met regen – wind en mix van zon en wolken.

We moeten maar gelijk van de zondag gaan genieten want de verdere vooruitzichten wijzen op een wisselvallig koel herfstweer in de laatste week van september.
De zondag krijgen we afgezien van een lokale bui een droge dag op het weermenu. Overigens kan de start ook nog hier dan daar met mist starten. Nadien een mix van zon en wolken. Het kwik komt nipt boven 15 graden te liggen. En dat is duidelijk beneden het gemiddelde van 18 graad te liggen.
Vanaf maandagmorgen tot ver in de nieuwe week krijgen we eerst nog met een straffe zuidwestelijke stroming met buien te maken. Vanaf dinsdag draait de wind naar eerst noordwestelijke richtingen. Deze aanvoer zorgt weer voor talrijke buien. Maar de grootste hoeveelheden zullen omgeving de kustlijn en bij grote wateroppervlakten vallen. En de talrijke buien hebben we te maken met het relatieve zeewater en de afgekoelde bovenlucht. Verwachting is dat woensdag op 500 hPa temperaturen bedragen van -25 graad!! En dat staat garant voor vele korte felle buien. Met alles drop en dran!! En hoe de wijnmaand gaat starten zal ik in mijn eerstvolgende weekverwachting wel meer over uit de doeken doen.


Resumerend:


Normaal maximum = 18,0 gr Normaal minimum 10,3 gr. de Bilt LH5 (2e decade sep)

Tonny Morsink, De Lutte
24-09-2022 19.00 uur


Het verhaal van de "supermaan" !!  14 juni 2022; 04.16 uur

Als je een foto wil maken van de supermaan, moet je je wekker erg vroeg zetten. De maan gaat in de nacht van maandag op dinsdag om 4.46 uur onder.
"In het half uur vóór maan ondergang is hij extra groot te zien aan de zuidwestelijke horizon", zegt weerman Wouter van Bernebeek van Weerplaza. Dat betekent dus dat je om 4.16 uur uit de veren moet zijn
De maan is dinsdag helemaal gevuld, is helder en lijkt iets groter dan normaal. Het verschil in grootte is met het blote oog nauwelijks te zien, zegt Van Bernebeek. Een supermaan lijkt 6 tot 7 procent groter en is ongeveer 13 procent helderder dan een gewone volle maan. Dinsdagavond komt de maan weer in zicht, als de wolken het toelaten. In het zuidoosten komt hij om 22.40 uur op, in het westen om 22.45 uur. In het midden en het noorden van het land is er kans op wolkenvelden en stapelwolken die in de weg kunnen zitten.
De afstand tussen de maan tot de aarde verschilt doordat de baan waarin de maan om de aarde draait niet perfect rond is, maar eivormig. De gemiddelde afstand tussen de maan tot de aarde is bijna 385.000 kilometer. We spreken van een supermaan als deze "slechts 357.000" km onze planeet draait!!!


IJSHEILIGEN (verklaring)  Mamertus - Pancratius -Servatius - Bonifatius

Mamertus - Pancratius -Servatius(van Maastricht) - Bonifatius (van Tars)

De naamdagen van de genoemde ijsheiligen vormen een periode in mei die wordt gezien als de overgang van weer met mogelijk nachtvorst naar meer zomers getint weer. Het is niet uitgesloten dat er na half mei nog nachtvorst optreedt, maar die kans is heel klein.
IJsheiligen is een van de oudste en wellicht bekendste begrippen uit de volksweerkunde. De eerste berichten over deze "strenge heren" dateren van rond het jaar 1000. De naam IJsheiligen komt van de naamdagen van vier heiligen die hierboven genoemd zijn. Drie is het heilig getal en daarom rekent men in de meeste landen maar drie tot de IJsheiligen. In sommige landen wordt St. Mamertus niet meegeteld, in andere landen hoort St. Bonifatius er niet bij. Deze heilige is niet de bekende Bonifatius, (bijgenaamd de Apostel van Duitsland), die in 754 in de buurt van Dokkum werd gedood, want die heeft zijn feestdag op 5 juni. Zijn naamgenoot, de IJsheilige Bonifatius, was een Romeins burger die in 307 de marteldood stierf tijdens de christenvervolgingen onder keizer Diocletianus.
Sommige landen, waaronder Duitsland, Hongarije en Zwitserland, rekenden in het verleden ook 15 mei (ook wel aangeduid als koude Sophie) nog tot de IJsheiligen. Dat gebruik dateert uit de 11e eeuw, toen zij beschermvrouwe tegen de nachtvorst was. In het Alpengebied werden indertijd op die dagen vuren ontstoken ter bescherming tegen de vorst. In Duitsland gebruikt men nog de uitdrukking "Pflanze nie vor der kalten Sophie", waarmee bedoeld wordt dat men nooit spullen moet poten voor 15 mei (de naamdag van de heilige).
De ijsheiligen ontlenen hun benaming aan het gevaar van koud voorjaarsweer voor het gewas, dat in deze tijd in volle bloei staat. Een late vorstnacht kan in deze periode veel schade aanrichten. Het is echter niet zo dat tijdens de ijsheiligen de kans op een overgang naar koud weer groter is dan op andere dagen in het voorjaar.
Abrupte temperatuurveranderingen, die onder andere het gevolg zijn van het nog relatief koude zeewater, zijn kenmerkend voor dit hele jaargetijde en kunnen ook in juni nog voorkomen. Wel neemt na half mei de kans op vorst sterk af en aan het eind van deze maand zijn temperaturen onder nul heel uitzonderlijk. In dat opzicht markeren de ijsheiligen meestal de overgang naar een periode met een meer zomers karakter, maar in 1998 begon de zomer al eerder en ontstond het karakteristieke IJsheiligenweer met vorst aan de grond in de tweede helft van mei. De IJsheiligen houden zich in Nederland echter lang niet altijd aan hun data: In 2006 kwam in de nacht van 2 op 3 juni nachtvorst voor, in 2008 in de nacht van 23 op 24 juni en in 2013 zelfs in de nacht van 25 op 26 juni.


Schaapscheerderskou  (Verklaring door Jan Visser)

Schaapscheerderskou, ook wel Midjunikoelte genoemd
Aan de vooravond van de langste dag en niet zelden ook op de dag van de zomerzonnewende gaat dikwijls het licht uit ofwel het is dan somber en vaak koel weer. Deze periode staat in de Kalenderklimatologie bekend als de Schaapscheerderskou, ook wel Midjunikoelte genoemd. Deze term is gebaseerd op het feit dat aan de vooravond van de hoogzomer de schapen van hun wollige, warme vacht worden ontdaan. Dat doet men bij voorkeur gedurende een periode dat het niet zo zonnig is. De volop schijnende zomerzon op de kale huid is voor schapen namelijk geen pretje.
De Schaapscheerderskou wordt in de regel veroorzaakt door een noordwestelijke stroming onder invloed van een kleverig hogedrukgebied ter hoogte van Ierland. Regenrijke storingen worden doorgaans op afstand gehouden. De noordwestelijke stroming loodst over het algemeen getransformeerde Atlantisch polaire lucht naar het Noordzeegebied. Met warmte op hoogte (typerend voor hogedrukgebieden) en relatief koude lucht in de atmosferische grenslaag boven de Noordzee, ontstaan dan uitgestrekte, vrijwel gesloten wolkendekens (stratus en stratocumulus). Die worden vooral over Nederland, België en delen van westelijk Duitsland uitgerold. De wolkenzee lost slechts moeizaam op. Tot regen komt het veelal niet of nauwelijks. Hooguit een weinig lichte (mot)regen.
Juni 1977: wie heeft het licht uitgedaan? Zes dagen op rij geen zon!
Een klassiek voorbeeld van de Schaapscheerderskou die mij altijd is bijgebleven deed zich voor in juni 1977. In De Bilt liet de zon zich zes dagen op rij (van 16 t/m 21 juni) niet zien. Het had iets weg van de donkere dagen voor Kerst. Tot wat regen kwam het alleen op de 19de. Omdat het op 11, 12 en 13 juni zonnig en warm was (op de 13de registreerde De Bilt 30,8 gr; op de 20ste slechts 13,1gr), verliep de tweede decade van juni niet uitzonderlijk somber. De zon scheen in totaal nog 41 uur. Saillant detail: op 15 juni is het in De Bilt nog nooit 30 graden geweest. Het datumrecord staat op 28,3 gr in 1957. De overige dagen van juni (op de 4de na: datumrecord 29,5 gr) hebben allemaal dertigers geregistreerd.
Wijlen Dr Visser: autoriteit op het gebied van de kalenderklimatologie
Expert op het gebied van de kalenderklimatologie (ook wel de singulariteiten van het kalenderklimaat genoemd) was Dr M.A.J. Visser uit Enkhuizen. Hij stuurde mij in januari 1991 een met de hand geschreven epistel van 9 paginas over alle bijzonderheden van het kalenderklimaat. Over de Schaapscheerderskou schreef hij onder meer: De schaapskou ontstaat vooral als de eerste helft van juni (en eind mei, jv) te warm zijn. De koele oceaan vult het tekort aan lucht, door opstijging tijdens de warme periode, met graagte aan. We noemen dit verschijnsel de westelijke moesson. Hoe warmer dus het begin van juni, hoe sterker de terugslag. Zelfs kunnen er twee terugslagen optreden (7, 8 en 9 juni: doorgaans tamelijk nat), met daarna een volkomen herstel (12-13 juni) en daarna de schaapskou (16-19 juni). Het is altijd weer een verrassing hoe intensief en langdurig deze singulariteit is. Tot zover wijlen Dr Visser.
In zijn boek HET WEER nader verklaard besteedde Harry Geurts, voormalig persvoorlichter van het KNMI, eveneens aandacht aan de Schaapscheerderskou.


Corona om de maan

Een corona in de meteorologie is een atmosferisch optisch verschijnsel in de vorm van een of meerdere gekleurde kransen van licht rondom de zon of maan. Het effect ontstaat door de diffractie van het licht door kleine waterdruppels of ijskristallen van een wolk Het centrale gedeelte van de corona, ook aureool genoemd, bevindt zich als een diffuse gloed direct rondom de lichtbron (in tegenstelling tot de halo die een ring op geruime afstand van de lichtbron vormt en scherper is afgegrensd) en is bleekblauw van tint met een verkleuring naar roodbruin aan de rand. Vaak is de aureool het enige zichtbare gedeelte van de corona; in gunstige omstandigheden (d.w.z. als de wolkdeeltjes zeer gelijkmatig van grootte zijn) kunnen zich daarbuiten nog een of meerdere parelmoerkleurige kransen bevinden. De corona is een specifieke verschijningsvorm van iriserende wolken, waarbij de kleurbanden cirkelvormig zijn als gevolg van een uniforme wolkdikte. Zijn de wolken ongelijkmatig van dikte, dan verdwijnt de ronde vorm en volgen de kleurbanden de contouren van de wolk. Men spreekt dan niet meer van een corona, maar het natuurkundige proces blijft hetzelfde. De naam "corona" dient niet te worden verward met dezelfde term in de astronomie, die wordt gebruikt ter aanduiding van de zonneatmosfeer die bij totale zonsverduisteringen kan worden waargenomen.